Dummy link to fix Firefox-Bug: First child with tabindex is ignored

Overzicht van de Dag van de Open Monumenten

Dag van het Erfgoed op 12 september 2026

Klik hier voor het overzicht van evenementen in Jena in 2026.

Eenmaal per jaar, altijd op de tweede zondag van september, bieden heel bijzondere plekken heel bijzondere inzichten. De Open Monumentendag biedt de gelegenheid om op ontdekkingsreis te gaan, je onder te dompelen in de geschiedenis en verhalen, en nieuwe of oude dingen op een nieuwe manier te horen, te zien en te beleven. De Dag van de Open Monumenten is als het ware monumentenvoorlichting – culturele vorming – compact en toch luchtig en ongedwongen. Het idee erachter: ons cultureel erfgoed een stem geven, geïnteresseerden enthousiast maken en begrip kweken.

Dat is noodzakelijker dan ooit. Want terwijl onze culturele monumenten op de Dag van de Open Monumenten bijna overal voor enthousiasme zorgen, bevinden monumentenzorg en monumentenbehoud zich in het dagelijks leven niet zelden in het spanningsveld van tegenstrijdige belangen. 

Soms worden tegenstellingen gecreëerd die helemaal niet bestaan, zoals bijvoorbeeld bij klimaatbescherming / aanpassing aan de klimaatverandering en monumentenzorg. Monumentenzorg betekent het bevorderen van duurzame stadsontwikkeling, betekent bescherming van hulpbronnen, betekent klimaatbescherming. Monumentenzorg heeft enorm te kampen met de gevolgen van de razendsnelle klimaatverandering. Maar monumentenzorg helpt juist ook bij het ontwikkelen van oplossingen voor de aanpassing aan de gevolgen van de klimaatverandering – niet zelden door het (her)ontdekken van informatie die in ons monumentenbestand is opgeslagen over technologieën, werkwijzen, bouwmaterialen, het gebruik van planten… Er zijn hier dus geen fundamenteel tegenstrijdige belangen. Het gaat hier alleen om het „hoe“. Helaas is het moeilijker geworden om oplossingen openlijk te bespreken en voldoende tijd te nemen voor het onderzoek dat daarvoor nodig is. Toch bespaart juist dat uiteindelijk veel stress en meestal ook geld. Dit blijkt uit veel van de opengestelde monumenten en daarover kun je met eigenaren en ontwerpers in gesprek gaan.

Soms zijn er echter ook echt tegenstrijdige belangen: enerzijds het zogenaamd niet-winstgevende publieke belang ‘bescherming van cultureel erfgoed’ – anderzijds de particuliere/individuele belangen van investeerders die winst verwachten. Toch is het behoud van het bestaande erfgoed / monumentenzorg ook om economische en ecologische redenen uiterst zinvol, omdat het heel tastbare materiële waarden beschermt.  Maar bovenal kunnen door het behoud van het bestaande erfgoed immateriële, culturele waarden worden bewaard en verder ontwikkeld. Het kennen en overbrengen van deze waarden is een belangrijke taak voor de hele samenleving. Ons cultureel erfgoed is duurzamer dan puur financiële waarden, en het is van iedereen. Het bevat 

„geschiedenis en de creatieve kracht van generaties. Monumenten zijn geconcentreerd leven, het resultaat van menselijke nieuwsgierigheid en opgebouwde kennis. Een onmetelijke schat aan kennis die zich door de eeuwen heen heeft opgebouwd. […]“ 

En ons cultureel erfgoed is een centrale bouwsteen van onze democratische samenleving. Want cultureel erfgoed is nu eenmaal geen leidende cultuur.

„Het beperkt niet, het nodigt uit. Iedereen kan ervan profiteren. Het cultureel erfgoed stelt geen grenzen, maar stimuleert debatten. Over hoe uit de energiebron van diversiteit samenhang ontstaat. Een gemeenschappelijke cultuur. Als ontmoetingsplaats vormt elk monument niet in de laatste plaats een tegenpool van een samenleving die steeds individualistischer wordt, die dreigt te versplinteren en zich te verliezen in virtuele werelden. Wij mensen zijn sociale wezens. We hebben openbare ruimtes nodig waar we elkaar kunnen ontmoeten, of iemand nu nieuw is of hier al eeuwen woont. Plaatsen waar we ons samen kunnen inzetten – voor de wijk, de stad, het dorp. Monumenten horen daar bij. De moedig herbestemde kerk. De gerenoveerde bibliotheek. De historische gemeenschapszaal.” 

Cultureel erfgoed heeft een onschatbare meerwaarde.

„NetzWERKE: Monumenten en infrastructuur“ – de Monumentendag 2026

Monumentenweekend in Jena

Ja, je leest het goed – dit jaar is er meteen een heel monumentenweekend en dus, na een pauze van 10 jaar, eindelijk weer een kleine openingsbijeenkomst op de dag ervoor, de zaterdag. 

Het thema van dit jaar, „NetzWerke“, heeft ons hiertoe gemotiveerd. Ook in Jena vormen verenigingen, initiatieven, eigenaren, architecten, ambachtslieden, restaurateurs, stichtingen en de professionele monumentenzorgers bij de overheden een netwerk, zonder welke ons cultureel erfgoed niet behouden zou kunnen worden. Veel te zelden staan we stil bij de enorme omvang en tegelijkertijd de hechte samenhang ervan. Veel te zelden staan we dus ook stil bij het potentieel en de impact ervan. Daarom zijn wij als lokale monumentenzorginstantie van Jena de Duitse Stichting voor Monumentenzorg (DSD) dankbaar voor het hernieuwde duwtje in de rug via de motto-verkiezing. Wij bedanken de mensen in dit netwerk – waartoe overigens ook een gemeentelijk plaatselijk curatorium van de Stichting Monumentenzorg behoort – voor hun motivatie en alle vormen van steun.

Jena, de universiteits- en industriestad, voormalige residentiestad en vooral stad aan de Saale, kan onder het motto „NetzWerke: monumenten & infrastructuur“ een zeer rijke en gevarieerde schat aan culturele monumenten bijdragen. In prachtige samenwerking met eigenaren van monumenten, verenigingen, de gemeentelijke bedrijven, culturele instellingen, kerken, het openbaar vervoer van Jena en de universiteit is een kleurrijk programma tot stand gekomen. Meer dan 30 culturele monumenten – verspreid over het hele stadsgebied van Jena – heten op zondag 13 september en deels al op zaterdag 12 september geïnteresseerde bezoekers van harte welkom. Hiervoor willen we alle betrokkenen hartelijk bedanken. 

De gedrukte programma’s liggen vanaf begin september bij de VVV en in het stadsmuseum. Uiteraard kunnen er ondanks alles nog op het laatste moment wijzigingen en annuleringen plaatsvinden. Hierover wordt tijdig in de pers en op internet geïnformeerd.

Programma in Jena – kort overzicht

Zaterdag 12 september 2026 

Een opwindende dag – getuigenissen uit 125 jaar elektriciteitsvoorziening 

Eind 1898 nam de gemeenteraad van Jena een baanbrekend besluit. Hij pleitte voor de bouw van een elektriciteitscentrale en de exploitatie van een elektrische tram. Al op 14 januari 1899 werd het „Contract betreffende de oprichting van een elektriciteitscentrale en de aanleg van een elektrische tram“ ondertekend tussen de gemeentelijke autoriteiten en de Berliner Bank te Berlijn. De combinatie van elektriciteitscentrale en tram in één onderneming was objectief gerechtvaardigd en logisch. De functionele en zakelijke koppeling leidde ook tot een bouwkundige eenheid. De bouw van de elektriciteitscentrale en de eerste tramremise op het terrein aan de Dornburger Straße begon in 1900. Zowel de eerste tramremise van het tramdepot als de hallen van de elektriciteitscentrale werden opgetrokken in baksteenmetselwerk in neogotische stijl met trapsgewijze gevels. 

In 1901 – 125 jaar geleden – vloeide eindelijk de eerste elektrische stroom. Het machinehuis aan de Nollendorfer Str. 30 maakt deel uit van de eerste bouwfase en vormt, mede dankzij de bewaard gebleven, aan de muren bevestigde en vooral technische uitrusting uit die tijd, een authentiek getuigenis van de industrialisatie van Jena. De hal werd tot in de jaren 1990 gebruikt en wordt sinds 2014 door de cultuurvereniging In's Netz e. V. (hoe toepasselijk) onder de naam TRAFO in stand gehouden en nieuw leven ingeblazen. Op zaterdag zijn er rondleidingen met tijdgetuigen en een gesprek over de toekomst van industriële cultuurlocaties zoals het TRAFO. 

125 jaar elektriciteit in Jena betekent ook 125 jaar tram. Op 1 april 1901 reed de eerste tram van de tramremise in de Dornburger Straße naar het voormalige uitstapje-restaurant Schubertsburg in de Kahlaische Straße. Na deze keuring door de regionale politie van de elektriciteitscentrale, de elektriciteitsleidingen en de tram begon op 6 april de reguliere tramdienst op de zogenaamde „Centrale“-lijn. De snelle groei van de stad leidde al snel tot een uitbreiding van het lijnennetwerk en vereiste dienovereenkomstig ook uitbreidingen van de depot- en werkplaatsruimtes. In 1930 werd de zogenaamde nieuwe (tweede) tramremise, ontworpen door Heinrich Fricke, ten westen van de eerste tramremise aangebouwd op een trapeziumvormige plattegrond die voortkwam uit het verloop van de Unterer Philosophenweg (Th.-Mann-Straße). De driebeukige hal in gewapend beton met een meervoudig gebogen schaalvormig dak volgens het Zeiss-DYWIDAG-systeem was een veelbesproken meesterwerk van de civiele techniek en werd ook in de hedendaagse vakliteratuur als zodanig geprezen. In 1948 werd de tramremise uitgebreid met een noordelijke hal. De tramremise is als een tastbaar bewijs van de stadsgeschiedenis van Jena, de vervoersgeschiedenis en daarmee ook de stadsontwikkeling, maar ook van de industriële architectuur, beschermd als cultureel monument. Helaas moest het openbaar vervoer van Jena afscheid nemen van zijn historische remise. Daarom is deze op de Dag van de Monumenten niet toegankelijk. 

Wel toegankelijk zijn de historische trams die op zaterdag rijden – mobiele monumenten op moderne rails. Tussen 13.00 en 20.30 uur rijden de historische motorwagens 26 en 101 met aanhangwagens 155 en 207 in lijnverkeer tussen Nordschule en Winzerla via het stadscentrum. De dienstregeling vindt u bij de downloads.

In 1926, 25 jaar nadat in Jena voor het eerst elektrische stroom werd opgewekt, werd 100 jaar geleden na een bouwtijd van slechts 7 maanden de 50 kV-hal van het transformatorstation Jena Nord, gebouwd naar ontwerpen van de Weimar-architect Bruno Röhr, op het net aangesloten. In combinatie met het schakelstation Burgau (ZEISS) kon zo in Jena een stabiel 10 kV-net worden opgezet. Het transformatorstation ontwikkelde zich in de jaren 1930 tot het knooppunt van de regionale stroomvoorziening. In 1942 werd het aangevuld met de bouw van een 110 kV-hal en uiteindelijk omgeschakeld naar een 110 kV-voeding. Sinds 1993 staat het te boek als cultureel monument en sinds 1997 is het de thuisbasis van Imaginata. Is er een betere plek denkbaar om een Monumentendag met als thema „NetzWERKE: Monumenten & Infrastructuur“ te openen? Wij vinden van niet en nodigen u daarom uit voor de openingsbijeenkomst op zaterdag 12 september om 16.00 uur in de Imaginata. De middag wordt muzikaal begeleid door Helga Assing (elektrische piano) en Klaus Wegener (saxofoon). Na afloop van de openingsbijeenkomst nodigt de vereniging u uit voor een rondleiding door het technische monument, inclusief de nieuwe tentoonstelling

Zondag 13 september 2026

Binnenstad

Netwerken en infrastructuur staan voor beweging en voor sociale en culturele verbindingen. Een goed uitgebouwde, goed functionerende culturele en sociale infrastructuur is voor een samenleving niet alleen net zo belangrijk als de technische of verkeersinfrastructuur, maar vormt ook een onmisbaar vangnet voor ons samenleven. We zijn dan ook erg blij dat het idee, dat afgelopen herfst voorzichtig werd geopperd, werkelijkheid is geworden en dat de jarige, het jongenskoor van de Jenaer Philharmonie, samen met zijn gasten uitnodigt voor kleine pop-upconcerten bij en in de bouw- en tuinmonumenten van Jena. Van harte gefeliciteerd, beste jongenskoor, en hartelijk dank. 

Het begint om 09:15 uur bij het zogenaamde „Faulloch“. JenaKultur opent daarom dit jaar het stadsmuurcomplex van de Pulverturm tot aan de Johannistor dankbaar genoeg al om 09:00 uur. Andere haltes van het koor zijn: 

de Friedenskirche/het historische Johanniskerkhof, waar de hele dag door bovendien boeiende lezingen en rondleidingen worden aangeboden, evenals een randprogramma met doe-activiteiten voor gezinnen, livemuziek en koffie met gebak. 

de Griesbach’sche tuin, de binnenplaats van het Collegium Jenense, die dr. Paust speciaal voor dit doel en een aansluitende rondleiding extra opent, en 

Schillers tuin met het tuinhuisje in het Schillergäßchen. Prof. Hühn, dr. Schlotter en hun medewerkers hebben hier bovendien weer een boeiend programma voor volwassenen en kinderen opgezet.  

De Stedelijke Musea van Jena, die grotendeels in culturele monumenten zijn gevestigd, openen hun deuren op de Monumentendag eveneens voor een gratis bezoek. Naast het zogenaamde Romantikerhaus, dat momenteel wordt gerenoveerd, zijn ook de Göhre/n aan de Markt toegankelijk. Indien gewenst worden er rondleidingen aangeboden vanaf 5 personen. In het Karmelietenklooster en de Pelzerwerkstatt zijn er ook vaste rondleidingen. Ook de door JenaKultur gebruikte Villa Rosenthal met de prachtige tuin nodigt op zondag uit tot een bezoek.

Over JenaKultur gesproken. De Dag van de Open Monumenten is monumenteneducatie in compacte vorm. Monumenteneducatie is op haar beurt een belangrijk onderdeel van historisch-politieke en culturele vorming. Juist voor dit doel werd destijds het Volkshaus gebouwd. Ook de Jenaer Philharmonie heeft zich toegelegd op culturele vorming en educatie. In zoverre komt nu, geheel in goede traditie, samen wat bij elkaar hoort: het seizoensopeningsconcert van de Jenaer Philharmonie, de open dag in het Volkshaus en de Dag van de Open Monumenten.

Het Volkshaus ligt aan de Carl-Zeiss-Platz. Deze plek was stedenbouwkundig gezien ooit een hoogtepunt van Jena en is tot op de dag van vandaag een knooppunt van de nalatenschap van Zeiss en Abbe. Centraal staat het monumentale herdenkingspaviljoen voor Ernst Abbe, dat vanaf 10.00 uur zijn bronzen en glazen deuren opent. Ten noorden van de Zeiss-Platz en ten westen van de Zeiß-Straße strekt zich het zogenaamde Bachstraßen-terrein uit. De voormalige provinciale ziekenhuizen vormen een ensemble dat in de loop van meer dan 200 jaar is gegroeid. Nadat de rondleiding door het terrein vorig jaar vanwege „overbevolking“ enigszins chaotisch verliep, is er dit jaar eerst een inleidende lezing in de collegezaal van de oogkliniek, gevolgd door een rondleiding door het terrein. De bunker van de vrouwenkliniek en de oogkliniek zijn te bezichtigen, de pathologie helaas niet meer. 

Het Glashaus im Paradies nodigt zaterdag en zondag niet alleen uit om te vertoeven en naar muziek te luisteren, maar biedt ook interessante discussierondes. 

De poort uit, naar de omgeving van Jena, landelijke wijken en historische dorpskernen 

Boven op de Forst zijn maar liefst drie monumenten te bezoeken: naast de kleine sterrenwacht van de Forst, die wordt beheerd door de vereniging „Volkssternwarte Urania Jena e. V.“, zijn ook de Forsttoren en de Bismarcktoren te bezichtigen. De zwaar beschadigde Bismarcktoren wordt sinds het voorjaar gerenoveerd door het gemeentelijk bedrijf KIJ. De eerste bouwfase wordt gesubsidieerd door het Thüringse Landesamt für Denkmalpflege. Ter gelegenheid van de Dag van de Monumenten nodigen mevrouw Kohl van KIJ, de verantwoordelijke architect de heer Pfeil en de bergvereniging Forsthaus u uit om verslag te doen van de lopende werkzaamheden en de geplande verdere maatregelen. Let op: het gaat om rondleidingen op de bouwplaats. De beklimming naar het niveau van de steigers vindt plaats in kleine groepen van 10 tot 15 personen. Het dragen van stevige, gesloten schoenen is verplicht. Kinderen mogen de steigers pas betreden vanaf 8 jaar (lichaamslengte min. 1,20 m) en alleen onder begeleiding van een ouder of voogd.

De ruïne van de Lobdeburg, dievan ver zichtbaar is en tegelijkertijd zelf een uitstekend uitkijkpunt vormt, kenmerkt het midden van het Saaltal. Na een bijna 30 jaar durende, uitgebreide en monumentale renovatie van het bovengronds bewaard gebleven en door archeologisch onderzoek blootgelegde bouwwerk is het kasteel nu weer toegankelijk voor het publiek. De stadsarcheoloog van Jena, dr. Rupp, heeft in zijn proefschrift uit 2020 de archeologische opgravingen en bouwkundige onderzoeken geëvalueerd en gebundeld die in verband met deze werkzaamheden – deels door hemzelf – zijn uitgevoerd. Op zondagochtend nodigt hij u uit voor een rondleiding door het kasteelcomplex. 

De kerken in de voormalige dorpen en de historische dorpskernen behoren tot de bijzondere schatten van het cultuurlandschap. In de 15e eeuw heeft een vooraanstaande steenhouwer in Jena en omgeving bijzonder veel sporen achtergelaten: Peter Heierliß (Harlaß). Naast het bord met twee stations op het Johannisfriedhof en de stadskerk St. Michael is zijn steenhouwersteken ook te vinden bij de kerk „Unserer Lieben Frau“ in Wenigenjena (Schillerkirche) en de St. Marienkerk in Ziegenhain. Beide kerken zijn geopend. Het gotische koor van de St.-Petruskerk, dat vandaag de dag het silhouet van Lobeda kenmerkt, werd tussen 1477 en 1483 gebouwd in het kader van de wederopbouw. In het interieur bevinden zich waardevolle, grootschalige laatgotische muur- en plafondschilderingen. Aan en in de kerk, maar ook op het kerkhof staan uitgebreide bouwkundige maatregelen op het programma. Zo zullen in 2027 de dakconstructie en de dakbedekking boven het koor worden gerenoveerd. Om deze belangrijke maatregelen te financieren, vinden er onder andere benefietconcerten plaats in de Petruskerk. Ter afsluiting van de Dag van het Monument treedt de band Stilbruch op. Vanuit Lobeda is het slechts een steenworp naar Drackendorf. Ook de plaatselijke kerk„Auferstehung Christi“nodigt de hele dag door uit om haar koele muren te bezoeken. De kerk ligt aan de rand van het Drackendorfer Park. Tot 2021 is het oorspronkelijke ontwerp van het landschapspark, in overleg met natuurbeschermingsbelangen, grotendeels in ere hersteld. De Heimatverein Drackendorf nodigt op zondag uit voor een kermis bij het theehuis.

Als je de Saale oversteekt, bijvoorbeeld via de historische Burgauer-brug, kom je in Burgau. Aan het andere uiteinde van de hier beginnende Geraer Straße, met haar binnenplaatsen, ligt de Drievuldigheidskerk. Na jarenlange voorbereidingen kon in 2026 eindelijk de uitgebreide restauratie van het Poppe-orgel uit 1796 van start gaan.  Op de Monumentendag, die tegelijkertijd de Duitse Orgeldag is, zullen er in het kader van het Orgelfestival van Burgau verschillende orgelconcerten plaatsvinden. Concert 19 is opgedragen aan de nagedachtenis van Ute Merbach, de oprichtster van de Jenaer Kirchenstiftung, die dit jaar is overleden.

Helemaal in het zuiden van Jena ligt het pittoreske Leutra. Een wandeling hier is altijd de moeite waard. Op zondag kun je bovendien de in de 12e eeuw gebouwde vestingkerk St. Nikolaus bezoeken en luisteren naar de deskundige uitleg van mevrouw Junghans van de parochie. Op weg naar Leutra komt men overigens ook langs de oude snelwegbrug van Göschwitz. De bouw ervan was niet alleen een infrastructurele, maar ook een politieke en ideologische opgave. Van 10.00 tot 14.00 uur is de tentoonstelling in (sic!) de brug geopend.

Ook in het noorden van Jena valt er veel te ontdekken: zo opent de Marienkerk in Zwätzen, waarvan de renovatie mede wordt gesubsidieerd door de Duitse Stichting voor Monumentenzorg, haar deuren. Leden van de inmiddels opgeheven, maar op de een of andere manier nog steeds actieve Kulturlandschaftsverein Zwätzen hebben samen met dr. Pester een tentoonstelling over de Duitse Orde in Zwätzen voorbereid, die eveneens in de kerk te zien zal zijn. Vanuit Zwätzen is via de Kunitzer Hausbrücke ook het prachtige dorp Laasan goed te bereiken. Hier opent de plaatselijke vereniging het Rats- en Brauhaus en biedt ook een bijbehorende snack aan. Direct tegenover kan bovendien het open atelier van de „Regina-Stiftung“ worden bezocht.

En verder?

We kijken uit naar foto-impressies van de dag – graag ook vanuit het perspectief van kinderen of tieners. We zijn dankbaar voor tips en aanvullingen over onze monumenten. Stuur deze gewoon naar denkmalamt@jena.de

-> naar het evenementenoverzicht in Jena